• Ronald Peeters

Hoog bezoek

In 1871 bracht de schilder Claude Monet vier maanden door in Zaandam. Hij was, zo leert een brief van hem die nu in het Zaans Museum hangt, meteen erg onder de indruk. Begrijpelijk. De houten huisjes en de mooie panden langs het water zijn nu eenmaal een pracht. Monet schilderde er vrolijk op los en veel van zijn werken zijn nog altijd, hoewel vaak replica's, te bewonderen in zijn voormalige atelier aan de Zaan of in het museum. Hij blij, wij blij.

Onze gemeente heeft iets met bijzondere bezoekers. Wanneer een grootheid hier een poosje verblijft komen we er daarna niet meer van los. Er moet munt uit geslagen worden. Monet maakte wat leuke werkjes in die korte tijd en nu wil Zaanstad dat gaan vieren. En dan wel meteen een jaar lang, want waarom ook niet. Dat zet tenminste zoden aan de dijk. Heel 2021 zal in het teken van de schilder staan. Het zal bezoekers trekken met een bredere belangstelling dan molens en klompen, en dat is goed voor onze portemonnee. Een extra museum in het centrum wordt zelfs overwogen.

Een andere Hoge Bezoeker, zelfs letterlijk want de beste man was ruim twee meter lang, kwam twee eeuwen eerder bij ons op de koffie. De Russische Tsaar Peter de Grote bleef maar een week maar die dagen zijn onvergetelijk geworden. Hij verbleef in, heel toevallig, het Tsaar Peterhuisje en dat veranderde naderhand als vanzelf in een museum. Het is sindsdien notabene wereldberoemd. Mijn God, wat een bezoek aan Zaandam al niet teweeg kan brengen.

Hebben we nog meer van die gevallen gehad? Jazeker, Napoleon Bonaparte kwam ergens daartussen, begin 19e eeuw, even bij ons langs. Hier was pas echt sprake van een bliksembezoek, want de Fransman had het na een halfuur al gezien. Hij liep een rondje door de spookhuisje van de Tsaar en vertrok weer halsoverkop. Alle verwachting van de voorbereiding ten spijt.

Waarom hadden die lui toch allemaal zo'n haast? Ik weet dat een aantal Russische presidenten, waaronder Vladimir Poetin in 2005, ook bij ons op de Wodka kwamen. Maar telkens erg kort. De kranten schreven er al weken over, de Dam werd afgezet, politie op de been, waarvoor? Beatrix, Koning Willem Alexander, ze kwamen buurten. Een wandelingetje over de Schans en wegwezen!

Maar wij dan? Wij hebben niet zo'n haast. We wonen hier al jaren of misschien wel het hele leven. Waarom worden wij daarvoor niet eens een jaar lang geëerd?